De tweede proefnotitie is er een aan de andere kant van het spectrum, na de Caol Ila. Wel een Islay, maar dan ongeturfd: Bunnahabhain.
Geur:
Honing, walnoten, leer. Het duurde even voor ik de honing herkende, maar dat is voornamelijk omdat ik honing slecht herken. Ook een geurtje van schoenpoets komt naar voren. Veel ouderwetse geuren dus. Al met al toch vrij gesloten. Het duurt vrij lang voor er dingen loskomen.
Smaak:
Ik denk een spoortje van rook te vinden, maar dat doet me aan mezelf twijfelen omdat het om een ongeturfde Bunnahabhain zou gaan. Hij smaakt redelijk dun, alsof ie te ver verdund is. Er komt ook nog iets van fruit door, maar dat is moeilijk te herkennen.
Finish:
In de finish wordt de Bunna iets kruidiger, maar niet heel veel. Ik heb aanvankelijk opgeschreven dat ik hem erg lekker vind, maar bij een tweede keer proeven was ik aanzienlijk minder enthousiast.
Al met al geen vieze whisky, maar doordat ie zo gesloten is ben ik niet echt enthousiast. Je moet werken om er een beetje geur en smaak uit te krijgen. Hij had denk ik veel beter tot z’n recht gekomen op 50% of misschien zelfs meer. Ook komt hij niet echt samenhangend over.
Bunnahabhain, 1991-2007, 15 jaar oud, 43%, MacPhail’s Collection.

Pingback: Bottle-share uitslag | Nog een whisky blog…
Pingback: Bottle-share uitslag | Malt Fascination